Dominicus wordt afgebeeld in het habijt van zijn orde (wit kleed met zwarte mantel). Mogelijke attributen : een lelie(tak) en een boek (open of dicht), krans van haar om het kaalgeschoren hoofd, met of zonder ringbaardje. Gewoonlijk draagt hij een ster voor de borst of boven het hoofd (door zijn kloostervenieuwingen had hij de wereld in een nieuw licht gezet). Aan zijn voeten een zwart-witgevlekte hond (kleuren van het ordekleed) met een fakkel in de bek waarmee hij de aarde in brand steekt (zijn moeder had gedroomd dat ze een hond zou baren met een fakkel, zijnde symbool van geloofsverkondiging, in de bek). De hond is niet alleen een attribuut van Dominicus maar van alle dominicanen (Domini canes = waakhonden van de Heer). De toorts staat symbool van zijn werk als prediker die de wereld in vuur en vlam zet.